Betere aanpak tegen ondermijning in IJsselstein

IJsselstein - De rekenkamer IJsselstein deed de afgelopen tijd onderzoek naar ondermijning: de vermenging van de georganiseerde criminaliteit met de bovenwereld. Criminelen gebruiken dan bijvoorbeeld legale bedrijven en diensten voor illegale activiteiten. De rekenkamer vindt dat IJsselstein weerbaarder moet worden tegen ondermijning. Het onderzoek wordt op 29 januari besproken in de gemeenteraad.

De rekenkamer ziet ondermijning in IJsselstein als een reëel risico. De regio kent grootstedelijke problemen, zoals drugscriminaliteit en de aantrekkingskracht van criminaliteit op jonge mensen.

De rekenkamer constateert dat in IJsselstein het beleid achter loopt bij wat wettelijk mogelijk is. Buurgemeenten doen dit beter. Dat kan het voor criminelen aantrekkelijk maken om hun werkterrein te verleggen naar IJsselstein. Om dat te voorkomen raadt de rekenkamer aan om beleid en instrumenten te actualiseren en menskracht vrij te maken voor het tegengaan van ondermijning.

Het onderzoek van de rekenkamer laat zien dat het beleid tegen ondermijning in IJsselstein versnipperd is. Aspecten van ondermijning komen aan de orde in verschillende beleidstukken, waarin het vaak ontbreekt aan duidelijke doelstellingen. Ook de verantwoordelijkheid voor beleid en uitvoering is versnipperd. De rekenkamer pleit daarom voor een integrale aanpak.

De gemeente doet al het nodige om medewerkers bewust te maken van ondermijning, aldus de rekenkamer. Het advies van de rekenkamer is wel om dit onderwerp vaker aan bod te laten komen. De rekenkamer vindt ook dat er de laatste jaren veel goede maatregelen zijn getroffen om medewerkers te beschermen tegen fysieke en verbale agressie, maar stelt wel dat meer aandacht voor dit onderwerp nodig is.

De commissie Bestuur besprak het rapport op 15 januari. Alle fracties lieten weten de uitkomsten serieus te nemen en vroegen het college werk te maken van de aanbevelingen. Namens het college deed burgemeester Ester Westeijn de toezegging om de raad binnen vier weken te laten weten hoe het college hiermee aan de slag gaat. Voordat het zover is, vergadert de voltallige gemeenteraad op 29 januari nog over het rapport.