Florida was de 10.000e IJsselsteiner

  •   keer gelezen

Florida van Doorn ziet deze week Sara. Op zondag, net als vijftig jaar geleden. Een verjaardag met een bijzonder tintje, want Florida werd bij haar geboorte de tienduizendste inwoner van IJsselstein.


IJSSELSTEIN - Op 27 december 1970 werd een zondagskind geboren: ‘Florida van Doorn, een welgeschapen dochter van ruim acht pond, heeft IJsselstein over de drempel van kleine naar middelgemeente geloodst nog net voor de fatale datum van 1 januari 1971’, schreef toenmalig Zenderstreeknieuwsredacteur Jan Paridaens. ‘Haar ouders wonen in het leuke witte boerderijtje aan de Noord IJsseldijk.’ En: ‘Met haar prille geluid heeft zij een eventuele aanval van minister Beernink afgeslagen.’ Wellicht was zonder de geboorte van het zesde kind van Floris en Cornelia van Doorn IJsselstein bij Utrecht ingelijfd.

Beroemd
Florida was een nakomertje in het gezin met vier zonen en dochter Corry, die zich de geboorte nog goed kan herinneren. “Ik werd die avond bij de buren ‘gestald’ en was in het begin niet zo blij met mijn zusje. Jarenlang was ik de jongste en ik speelde meer met auto’s dan met poppen.” Ze weet nog dat er enkele dagen later mannen in pak op bezoek kwamen. “Mijn moeder zat in bed met haar mooiste nachthemd aan en zei: ‘Dat is voor al die nette mensen’. Dat waren de loco-burgemeester en de gemeentesecretaris, die ook een spaarbankboekje met tienduizend centen meebrachten.” Voor Florida drong de bijzonderheid van haar geboorte op later leeftijd door: “Ik heb nog een zilveren beker waar op staat dat ik de tienduizendste ben. Ik poets hem dit jaar extra op”, lacht ze. Een brief met gedicht van een dominee heeft ze ook bewaard. Als ze in haar jeugd haar naam noemde wist bijna iedereen dat zij de tienduizendste was. “Veel oudere inwoners, zoals de bewoners van zorgcentrum Ewoud waar ik werk, weten het ook nog.” En met een ondeugende blik naar zus Corry: “Met die ‘jaloezie’ is het al snel goed gekomen: ze is de liefste zus en we kunnen niet zonder elkaar.” En ook niet zonder IJsselstein, waar beide zussen op een steenworp afstand van hun ouderlijk huis wonen.

Wat bleef
Wat Florida zich vooral uit haar jeugd herinnert: “De hoge kranen met ‘een mannetje’ erin”. Het waren de bouwkranen waarmee de schakelflats werden gebouwd. “Onze achtertuin was nog boomgaard tot aan het huidige Robijnpad. Een paar van die bomen staan er nog.” De schuren achter de woning zijn er ook nog. “Zelfs met het hok waar onze hond Molly in zat, de naam staat er nog op. Pa was naast zijn werk bij houthandel Lekkerkerk in Benschop hobbyboer.” De tijden veranderden. “Vijftig jaar geleden moesten we nog een diepvriesbox huren, alle bomen naar Benschop stonden er nog en overal was weiland.” Wat gebleven is: “IJsselstein is nog steeds zelfstandig en super om te wonen. Ik ben een trotse Apeluier”, aldus IJsselsteins tienduizendste.

Ontvang 'm elke week gratis > Meer berichten